Warmtepomp en ventilatie in je nieuwbouwwoning: zo gebruik je ze goed
Een nieuwbouwwoning verwarm je anders dan een huis met een cv-ketel. Met deze uitleg haal je meer comfort uit je warmtepomp en ventilatie, en voorkom je vochtproblemen in het eerste jaar.
In dit artikel
In dit artikel
Nieuwbouwwoningen hebben geen gasaansluiting meer. Je verwarmt met een warmtepomp of een warmtenet, en een ventilatiesysteem zorgt voor frisse lucht. Dat werkt goed, als je het anders gebruikt dan je gewend bent. Veel klachten in het eerste jaar komen door verkeerde instellingen en niet door een defect.
Zo werkt een warmtepomp
Een warmtepomp haalt warmte uit de buitenlucht of uit de bodem en geeft die af aan water. Dat water stroomt met een lage temperatuur door de vloerverwarming. Er zijn twee veelvoorkomende soorten:
- een lucht-waterwarmtepomp, met een unit buiten of op het dak;
- een bodemwarmtepomp, die warmte uit een bron diep in de grond haalt en in de zomer ook licht kan koelen.
In beide gevallen staat er binnen een voorraadvat voor warm water.
Verwarmen: kies één temperatuur
Vloerverwarming op lage temperatuur reageert traag. Het duurt uren voordat een kamer een graad warmer is. Daarom werkt het niet om de thermostaat ’s nachts ver omlaag te zetten en ’s ochtends weer op te stoken. De warmtepomp moet dan hard werken, en dat kost juist meer stroom.
- Stel een vaste temperatuur in en verlaag die ’s nachts hooguit een of twee graden.
- Laat de stooklijn en de regeling instellen door de installateur. Verander daar zelf niets aan zonder uitleg.
- Houd binnendeuren van kamers met verschillende temperaturen dicht.
Warm water
Het voorraadvat heeft een beperkte inhoud. Douchen meerdere mensen lang achter elkaar, dan kan het water op raken en duurt het even voordat het vat weer warm is. Bij een groot gezin is het de moeite waard om tijdens de kopersopties naar een groter vat te vragen.
Ventilatie: altijd aan laten
Omdat de woning kierdicht is, komt frisse lucht via het ventilatiesysteem binnen. Vaak is dat balansventilatie met warmteterugwinning: de warmte uit de afgevoerde lucht verwarmt de verse lucht die binnenkomt.
- Zet het systeem nooit uit, ook niet als je weg bent.
- Maak de filters regelmatig schoon en vervang ze volgens de handleiding, meestal een paar keer per jaar.
- Zet de ventilatie in een hogere stand tijdens het koken en douchen.
- Ramen openzetten mag gewoon, maar het is niet nodig om te ventileren.
Vraag bij de oplevering om een korte uitleg van de installaties en maak foto’s van de instellingen. Dan kun je altijd terug naar de beginstand.
Bouwvocht in het eerste jaar
In beton, dekvloeren en stucwerk zit na de bouw nog veel water. Dat moet er in de eerste één tot twee stookseizoenen uit. In die periode is de luchtvochtigheid hoger en verbruik je iets meer energie.
- Stook gelijkmatig en ventileer extra.
- Zet kasten en grote meubels de eerste maanden een paar centimeter van de buitenmuren.
- Kies voor de eerste verflaag een dampopen verf, zodat de wanden kunnen drogen.
- Kleine krimpscheurtjes in stucwerk zijn normaal. Meld ze wel binnen de onderhoudstermijn.
Zie je schimmel of blijft condens op de ramen staan, meld dat dan bij de aannemer. Wacht daar niet mee tot na de onderhoudstermijn.
Koel houden in de zomer
Een goed geïsoleerde woning houdt warmte lang vast, ook in de zomer. Buitenzonwering houdt de zon tegen voordat de warmte binnen is en werkt daardoor veel beter dan gordijnen. Heeft je warmtepomp een koelfunctie, dan haalt die de ergste warmte uit de vloer. Verwacht geen airco: het verschil is een paar graden.
Onderhoud en controle
Laat de warmtepomp en het ventilatiesysteem onderhouden volgens de voorschriften van de fabrikant. Dat is vaak ook een voorwaarde voor de garantie. Twijfel je bij de oplevering of alles goed is ingeregeld, vraag dan de bouwkundige die je opleverkeuring doet om de installaties mee te nemen. Meer over zonnepanelen, een thuisbatterij en een laadpaal lees je op de pagina Energie.


